Nieuws

Het net sluit zich rondom niet gecontracteerde zorg

dinsdag 24 april 2018    Dit artikel delen

De ontwikkelingen rondom niet gecontracteerde zorg zijn in volle gang. Naast het hoger beroep wat op 13 juni dient over de akte van cessie en toestemming vooraf vanuit de zorgverzekeraar bij niet gecontracteerde zorg, is het debat over artikel 13 weer vol op stoom. Het beeld wat ontstaat is dat partijen van niet gecontracteerde zorg af willen. We schreven eerder hier over niet gecontracteerde zorg. Tijd voor een update.

Wat is er mis met niet gecontracteerde zorg?

De overheid heeft afgelopen week een programma gelanceerd om fouten en fraude in de zorg aan te pakken. Jaarlijks kosten deze onrechtmatigheden de samenleving miljoenen euro’s en dit vormt de aanleiding voor een brede aanpak die een aantal disciplines binnen de zorg raakt. Deze disciplines betreffen medisch-specialistische zorg, geestelijke gezondheidszorg, mondzorg, wijkverpleging en het persoonsgebonden budget. Het plan dat gepaard gaat met de Kamerbrief laat feilloos zien wat er mis is met niet gecontracteerde zorg. Althans, volgens de overheid en veldpartijen waaronder BTN, PFN en V&VN.

De punten die worden aangedragen tegen niet gecontracteerde zorg:
– Het aandeel niet-gecontracteerde wijkverpleging is gestegen van 1,3% (€ 36,9 mln.) in 2015 tot 6,2% (€ 83,5 mln.) in 2017;
– Niet gecontracteerde zorg zet het huidige stelsel onder druk;
– De zorgverzekeraar heeft bij niet gecontracteerde zorg geen mogelijkheid om afspraken te maken met de zorgaanbieder over waar een declaratie aan moet voldoen. De verzekeraar kan hierdoor niet goed controleren op fouten en fraude.
– Zorgverzekeraars zien op basis van data-analyse dat niet gecontracteerde aanbieders in de wijkverpleging per patiënt gemiddeld meer uren declareren dan gecontracteerde aanbieders. Of dat tot de conclusie moet leiden ‘tweemaal zo duur’ was de vraag;
– Het bewijs dat het wel degelijk veel duurder is, is voor de minister inmiddels geleverd door Vektis. Het gaat hier wel degelijk om dezelfde cliënten met dezelfde kenmerken. ‘De cliënten bij niet-gecontracteerde zorg zijn voor wat betreft indicatoren van chronische aandoeningen zeer vergelijkbaar aan de cliënten bij gecontracteerde zorg’.

Dit laatste punt is de meest wezenlijke, omdat hiermee wordt ‘bewezen’ dat niet gecontracteerde zorg veel duurder is dan gecontracteerde zorg. Oftewel, de stelling is dat de samenleving goedkoper uit is met gecontracteerde zorg en wie kan daar nu tegen zijn? Hiermee sluit het net zich rondom niet gecontracteerde zorg.

Niet gecontracteerde zorg veel duurder?

Het ‘onderzoek’ naar niet gecontracteerde zorg in de wijkverpleging is dus een heel belangrijk onderdeel in deze discussie. Zeker als je het verwijt maakt dat niet gecontracteerde bestedingen van € 83,5 mln. in 2017 mogelijk 1,5 – 1,7 keer zoveel hebben gekost als nodig was geweest bij gecontracteerde zorg, is dat nogal een stellingname. Daarmee zeg je feitelijk dat we € 30 mln. onnodig hebben uitgegeven. Het Vektis onderzoek: “De gemiddelde kosten per cliënt per maand bij niet-gecontracteerde zorg waren in 2016 een factor 1,5 (verpleging) tot 1,7 (verzorging) hoger dan bij gecontracteerde zorg.”

Het programma Rechtmatige zorg: “Het lijkt dan ook gerechtvaardigd om te concluderen dat de hogere kosten van niet-gecontracteerde zorg in de wijkverpleging veroorzaakt worden door een minder doelmatige inzet van personeel.” Anders gezegd,  niet gecontracteerde zorgaanbieders zijn veel duurder dan gecontracteerde aanbieders.

Het ‘onderzoek’ van Vektis vind je hier. Zegge en schrijven; 5 pagina’s. “Vektis is nagegaan of de casemix van niet-gecontrac- teerde zorg afwijkt van gecontracteerde zorg voor de volgende kenmerken: duur van de zorg, leeftijd en chronisch zieken. Tevens zijn de verschillen in kosten en in het aantal uren zorg voor 2016 in beeld gebracht.” 

Hoe is de conclusie dat niet gecontracteerde zorg duurder is dan gecontracteerde zorg tot stand gekomen? Vektis heeft inzage in de zorgdeclaraties die gedaan worden voor personen die zorg gebruiken. In het verleden is bij ander onderzoek vastgesteld dat als iemand hulpmiddelen, medisch- specialistische zorg en/of farmacie gebruikt, deze persoon veelal een chronische aandoening heeft. Voor dit onderzoek is het verschil opgehaald tussen het aantal ‘chronisch zieken’ bij gecontracteerde en niet gecontracteerde aanbieders. Die verschillen zie je hier voor verzorging:

en hier voor verpleging:

Zoals te zien valt zijn de verschillen tussen de twee klein. “Er is in het onderzoek geen verschil gevonden in percentages chronisch zieken per leeftijdscategorie tussen gecontracteerde en niet-gecontracteerde zorg. Het aantal uur wijkverpleging per maand per cliënt is bij de niet-gecontracteerde zorg bijna twee keer zo hoog als bij de gecontracteerde zorg. Deze bevindingen zijn in lijn met het hierboven genoemde onderzoek.” Cliënten zijn ‘chronisch’ en dus ‘hetzelfde’ en de kosten zijn bijna tweemaal zo hoog. Bijltjesdag voor niet gecontracteerde zorg.

Enorm belangrijk onderzoek met enorme gevolgen, dat volledig hangt op het vergelijken van gecontracteerde en niet gecontracteerde zorg aan mensen die hulpmiddelen, medisch- specialistische zorg en/of farmacie gebruiken. Let op, niet de mate waarin ze dit gebruiken, maar óf ze hulpmiddelen, medisch- specialistische zorg en/of farmacie gebruiken is voldoende om vast te stellen dat “de cliënten bij niet-gecontracteerde zorg voor wat betreft chronische aandoeningen vrijwel identiek zijn aan de cliënten bij gecontracteerde zorg.” Het is nogal wat dat ook partijen als BTN, PFN en V&VN zich ‘in de uitkomsten van de analyses herkennen.’

Ja, er was wel behoefte aan nieuw onderzoek om een bijna € 100 miljoen grote zorgmarkt nader te onderzoeken, maar deze suggesties bleken “– binnen dit korte tijdsbestek – niet uitvoerbaar; bijvoorbeeld omdat het onderzoek veel tijd en geld zou kosten (dossieronderzoek) of omdat er geen landelijk dekkende gegevens beschikbaar zijn (bijvoorbeeld over de inzet van mantelzorg)”. Dus: “Op basis van de thans beschikbare analyses kan niet worden vastgesteld dat verschillen in de gezondheidstoestand van de cliëntenpopulaties een verklaring zijn voor de hogere kosten van niet-gecontracteerde zorg in de wijkverpleging” en daarom is het van belang om “maatregelen te nemen om contractering te bevorderen”. Dat is taal voor we willen van niet gecontracteerde zorg af.

Het mag duidelijk zijn dat als dit soort onderbouwingen voldoende zijn om zo’n enorme hoeveelheid zorg als te duur weg te zetten, het nu heel hard berg afwaarts zal gaan met niet gecontracteerde zorg. Zzp’ers, alhoewel op geen enkele wijze onderdeel van dit overleg of het tot stand komen van dit programma, worden in de zijlijn wel even benoemd en staan dus wel degelijk op de radar..

De overheid gaat “nader onderzoeken wat de kenmerken zijn van de zorgaanbieders waar foutieve of frauduleuze declaraties worden geconstateerd. Hierbij wordt zowel naar gecontracteerde, als niet-gecontracteerde zorg gekeken. De kenmerken kunnen bijvoorbeeld zijn dat bepaalde declaraties vooral voorkomen bij zzp’ers of juist grotere organisaties”. 

Standpunt SoloPartners

Niet gecontracteerde zorg maakt een wezenlijk onderdeel uit van het totaal volume aan uitgaven binnen de zorg en wordt verleend door dezelfde deskundige en bevlogen zorgverleners als bij gecontracteerde zorg. We hebben deze zorgverleners hard nodig. Het marginaliseren van de tienduizenden zzp’ers in de zorg zou wat ons betreft voorkomen moeten worden. Het standpunt innemen dat niet gecontracteerde zorg gepaard gaat met 1,5 – 1,7 zo’n hoge indicatiestelling dan bij gecontracteerde zorg is er één die meer onderzoek nodig heeft, dan een eendimensionale vergelijking op basis van het oormerk ‘chronisch ziek’ ja / nee.

De wijkverpleegkundige vormt de toegangspoort tot wijkverpleging. Zij / hij stelt vast hoeveel zorg er geleverd mag worden rondom een cliënt en daarna (!) kan er pas gecontracteerd / niet gecontracteerd gedeclareerd worden bij een zorgverzekeraar. Naar onze mening hebben niet gecontracteerde wijkverpleegkundigen in dezelfde schoolbanken gezeten als gecontracteerde wijkverpleegkundigen. Naar onze mening zijn niet gecontracteerde zzp wijkverpleegkundigen net zo professioneel als gecontracteerde wijkverpleegkundigen in een dienstverband.

De stellingname dat niet gecontracteerde wijkverpleegkundigen gemiddeld (!) 1,5 – 1,7 maal zoveel uren indiceren als bij een vergelijkbare cliënt door een gecontracteerde wijkverpleegkundige is nogal een uitspraak en zal wat ons betreft beter onderbouwd moeten worden dan tot op heden het geval is. Ja, niet gecontracteerde zorg is een maatschappelijk vraagstuk en verdient een stevige discussie, maar het onvoldoende onderbouwd wegzetten van de tienduizenden niet gecontracteerde zorgverleners die werkzaam zijn zonder contract, achten wij onacceptabel.

Steun je ons in onze missie? Word lid >>

Dit artikel delen