Nieuws

Minister neemt groot risico met beperken van artikel 13 (niet-gecontracteerde zorg)

dinsdag 13 november 2018    Dit artikel delen

De minister introduceerde onlangs zijn plan om een einde te maken aan de groei van niet-gecontracteerde zorg. Het reeds aangekondigde beleid uit het Hoofdlijnenakkoord wijkverpleging, komt daarmee dichterbij. Het komt erop neer dat de vergoeding voor niet gecontracteerde zorg lager zal gaan worden, waardoor het voor deze zorgaanbieders onaantrekkelijk wordt om de cliënt in zorg te nemen. Met het beperken van artikel 13 neemt de minister een groot risico.

Perspectief van de minister

Het is zeker voor te stellen dat de minister iets wil doen aan de steeds verder uitdijende zorguitgaven. Vorig jaar gaven we als samenleving bijna 100 miljard uit aan zorg, 2 miljard (!) meer dan één jaar ervoor. Een duizelingwekkende groei. Per inwoner kost de geruststellende gedachte dat je recht hebt op zorg, ons gemiddeld 5691 euro per persoon per jaar. Dat de samenleving graag ziet dat de zorgkosten beteugeld worden, mag geen geheim heten. Iedere euro die de maandelijkse nominale premie aan zorgverzekering stijgt, wordt met veel ongenoegen onthaald door het Nederlandse volk. Het electoraat kiest tijdens verkiezingen een minister en die minister krijgt de opdracht om ‘een oplossing’ te verzinnen voor de stijgende zorgkosten. De minister richt zich vervolgens tot de partij die het dichtst bij de uitgavenkant staat; de zorgverzekeraars.

Perspectief van de zorgverzekeraar

De zorgverzekeraars staan via Zorgverzekeraars Nederland nauwgezet met elkaar in contact. Daardoor kunnen zij een éénduidige boodschap aan de minister verkondigen en die boodschap luidt als volgt: als het om gecontracteerde zorg gaat hebben we grip op de zaak, maar dat vermaledijde niet gecontracteerde deel groeit met 6% en groeit onbeheerst. Daar hebben we geen grip op en daar ligt het probleem. Als u vindt dat wij de kosten moeten beteugelen, moet u het niet-te-beteugelen deel van financiering voorkomen.

Niet vreemd dat een bedrijf last heeft van onbeheersbare uitgaven. Toch? Zorgverzekeraars worden in hun kritische oordeel over dit type zorg ondersteund door big data, die laat zien dat niet-gecontracteerde zorg opvalt op 2 wijzes: er wordt gemiddeld meer zorg verleend dan door gecontracteerde partijen en er worden veel fouten gemaakt in de administratieve afhandeling van niet- gecontracteerde zorg. Niet-gecontracteerde zorg krijgt daarmee het label aantoonbaar ‘duurder’ en ‘fraude gevoelig’. De oplossing? We kunnen er vanaf, want we kopen voldoende zorg in bij onze gecontracteerde partijen.

Perspectief van de gecontracteerde zorgaanbieder

De gecontracteerde zorgaanbieders krijgen een budget om voor de verzekerden van de zorgverzekeraar, gecontracteerde zorg te leveren. Zorgverzekeraars kopen echter onvoldoende zorg in om alle zorgvragen af te handelen die deze zorgaanbieders binnen krijgen. Gecontracteerde zorgorganisaties zeggen in de praktijk simpelweg ‘nee’ aan de voordeur als een cliënt een te zware zorgvraag heeft en het toegekende budget niet toereikend is. Dat geven gecontracteerde zorgorganisatie op dat moment níet door aan zorgverzekeraars en beamen ze ook niet in het openbaar. Ze hebben namelijk ‘zorgplicht’ in hun contract met de zorgverzekeraar staan en aangeven dat je cliënten weigert strookt niet met de contracteisen.

Cliënten met een hoge zorgvraag lopen gemiddeld gezien een grotere kans op afwijzing door een gecontracteerde club, durf ik hier te stellen. Immers, je wil als gecontracteerde organisatie niet te snel aan je jaarlijkse contractvolume vast zitten. Kleinere zorgvragen betekent meer regie over je workload als gecontracteerde organisatie en personele inzet is er goed op af te stemmen. De cliënt is daarmee echter niet geholpen. Die heeft na een afwijzing geen (gecontracteerde) zorg en die zoekt naar een andere zorgaanbieder. En treft een niet gecontracteerde zorgaanbieder.

Perspectief van de niet-gecontracteerde zorgaanbieder

Het niet gecontracteerde deel aan zorguitgaven stijgt met 6% omdat de zorgvraag er wel ligt, maar niet door gecontracteerde aanbieders wordt afgehandeld. Niet gecontracteerde zorgaanbieders stappen in dat gat en zij treffen daar geweigerde cliënten met gemiddeld hoge zorgvragen. Dat niet gecontracteerde zorgaanbieders “niet doelmatig” zouden werken, zou dus voort kunnen komen uit de gemiddeld hogere zorgvraag die wordt neergelegd bij niet gecontracteerde aanbieders. Is dat dan duurder, of reëler? Vervelend voor de samenleving, maar mogelijk een feit. Niet de schuld van zorgaanbieders die werken zonder contract, maar een gevolg van de stijgende zorgbehoefte van zorgpremie betalend Nederland.

De niet gecontracteerde zorgaanbieders zijn niet verenigd en kunnen geen geheime prijsafspraken maken over ‘duurder’. Toch krijgen ze dat verwijt voortdurend. Ze herkennen zij zich niet in de beschuldiging dat zij onrechtmatig en ondoelmatig zorg verlenen en gaan in verzet, onder meer via rechtszaken. Ze vinden elkaar dus in het ongenoegen over deze gang van zaken. Is er niet iets anders aan de hand dan dat niet gecontracteerde zorg ‘duurder’ is? Het is een vraag die vaker gesteld wordt en een flinterdun onderzoek naar niet gecontracteerde zorg volgt. Ja hoor, niet gecontracteerde zorg is duurder want er wordt gemiddeld meer uur zorg verleend. De vraag waarom er meer zorg wordt verleend blijft tot op de dag van vandaag onbeantwoord.

De niet gecontracteerde zorgaanbieders zijn volstrekt het tegenover gestelde van mening dan het geopperde ‘duurder’. Ze zijn goedkoper want zij krijgen slechts 75% van het gemiddelde tarief vergoed. De samenleving zou juist blij moeten zijn met deze zorgaanbieders! Daarnaast krijgen deze niet-gecontracteerde zorgaanbieders met regelmaat slechte contracten aangeboden door zorgverzekeraars, als ze al een contract kúnnen krijgen. Dus zo wenselijk is dat contracteren huidige stijl helemaal niet en het is allerminst een universele oplossing.

Niet gecontracteerde zorgaanbieders voelen zich als gevolg van deze elementen gefrustreerd omdat zij door hebben dat ze hard nodig zijn in de praktijk en werken voor lagere tarieven, maar weggezet worden als ongewenst, te duur en frauduleus. Daarnaast is er géén gedegen onderzoek gedaan naar de werkelijke achterliggende reden van deze hogere zorginzet van niet gecontracteerde zorgaanbieders. Dit verhoogt de frustratie over en weer nog verder.

Perspectief van de burger

De grote afwezige in dit hele spel is de verzekerde – de burger. De burger op zoek naar zorg, geeft níet door aan de zorgverzekeraar of de NZa dat hij of zij ‘nee’ aantrof bij een gecontracteerde zorgaanbieder. De burger zoekt verder totdat hij of zij wel een ja hoort. De zorgverzekeraar kent het spanningsveld van te weinig ingekochte zorg hierdoor onvoldoende. Deze ziet dus ook geen formele aanleiding om aan te nemen dat er te weinig zorg wordt ingekocht en kan haar pijlen dus richten op die onwenselijke niet gecontracteerde zorgaanbieders. Wel ziet de zorgverzekeraar de hoon van de burger op zich afkomen als de premie stijgt. Want dat mag in ieder geval níet gebeuren. Kosten moeten beperkt worden, want het via de premie verrekenen kan niet zomaar. Wat de burger echter niet doorheeft, is dat hij straks bij het ontbreken van niet gecontracteerde zorgaanbieders, geen kant meer op kan als de gecontracteerde zorgaanbieder ‘nee’ verkoopt. De burger die straks last heeft van deze situatie, is de burger met een zorgvraag. Niet de burger die gezond is. Willen we die sociale verhoudingen creëeren met elkaar?

Wat is er nodig?

De minister zou de ruimte moeten krijgen én nemen om te achterhalen wat nu daadwerkelijk het signaal van de stijging van niet gecontracteerde zorg vertegenwoordigd. Wat betekent het, dat dit element in onze zorgkosten zo duidelijk groeit en zoveel meer zorg vraagt dan de gecontracteerde aanbieders nu gemiddeld verantwoorden? De vraag achter de vraag dus. Het zou de minister sieren als hij zich hierin nieuwsgieriger opstelt dan nu het geval is. Doet hij dat niet, dan lopen we de kans dat we niet gecontracteerde zorgaanbieders (=zorgverleners) gedemotiveerd en gedesillusioneerd de zorg zien verlaten. Daarnaast loopt de burger de kans dat hij in een levensfase dat hij het juist hard nodig heeft en een hoge zorgvraag heeft, een ‘nee’ hoort van de (gecontracteerde) zorgaanbieder. Het is misschien niet een heel aantrekkelijk vooruitzicht om de minister te zijn die Nederland uitlegt dat we veel meer aan zorg blijken uit te geven dan zorgverzekeraars hadden gehoopt en dat we keuzes zullen moeten maken als samenleving. Het is wel een realistischer beeld dan het doorstrepen van niet gecontracteerde zorg en vervolgens denken dat het probleem dan opgelost is. Een kwetsbaar ecosysteem aan zorg wordt zwaar verstoord als niet gecontracteerde zorg verder wordt belemmerd.

Duizenden zzp’ers in de zorg halen hun financiering uit niet gecontracteerde zorg. SoloPartners staat als branche organisatie voor zzp’ers in de zorg en is van mening dat het échte verhaal achter niet gecontracteerde zorg onderzocht moet worden. Steun onze beweging!

Dit artikel delen