Nieuws

Update 5 Conoravirus: problemen in de praktijk worden niet opgelost

dinsdag 28 april 2020    Dit artikel delen

We krijgen onverminderd signalen door van zorgprofessionals die last hebben van de tekortschietende beschermingsmiddelen en zorgen over besmettingsrisico. In deze vijfde update gaan we in op hoe het mogelijk is dat deze situatie blijft bestaan.

Onze eerdere updates:

Update 1 van 17 maart, met daarin aandacht voor de verantwoordelijkheden die jij hebt.

Update 2 van 24 maart, over de eerste beleidsmaatregelen.

Update 3 van 8 april, waarin de eerste spanningen zichtbaar worden.

Update 4 van 14 april over tekorten aan beschermingsmaterialen en testbeleid dat niet werkt.

In het kort

Samengevat komt het erop neer dat de beloftes die de minister doet over de beschikbaarheid van beschermingsmaterialen en het doen van tests, niet op orde komen in de praktijk. Deze maatregelen zijn echter hard nodig om zorgprofessionals met vertrouwen hun werk te kunnen laten doen. Gegrepen door zorgen over hun veiligheid en soms ook ronduit door angst hebben veel zorgprofessionals het nakijken. Logischerwijs neemt de psychische druk toe, komen mensen in verzuim terecht of erger; verlaten zij hun dienstverband of opdracht omdat zij niet meer in kunnen staan voor de veiligheid van de cliënt of van zichzelf.

Bij zo’n redenatie kun je artikelen vinden die dit punt onderbouwen. Zo lees je hier dat gecontracteerde zorgorganisaties zich terugtrekken van zorgverlening, lees je hier dat zorgverleners zich steeds meer zorgen maken, kun je hier lezen dat de werkgeversvakbond CNV 40% meer (!!) verzuim ziet dan in dezelfde periode vorig jaar en lees je hier dat het ‘nieuwe verdeelmodel’ van beschermingsmiddelen helemaal niet leidt tot meer materialen voor verpleeghuizen en thuiszorg. Het testen van medewerkers kreeg aandacht in dit item van Nieuwsuur dat laat zien dat werkgevers bij gebrek aan mogelijkheden bij de GGD, dan maar zelf zijn gaan testen.

Als media hier al weken verslag over doen, hoe is het dan mogelijk dat deze situatie niet verandert? Om dat te kunnen verklaren, moeten we vooral kijken naar hoe de zorgpolder werkt. Tegen de kritische berichtgeving vanuit de media (en de praktijk), staat een krachtige coalitie aan partijen die minister de Jonge in de gelegenheid stellen om aan te geven dat ‘er heel hard aan gewerkt wordt’.

De frame ‘we zijn druk bezig met materialen regelen’

NIEUWS VANUIT DE LUCHTBRUG MET CHINA – Bijna dagelijks landt er inmiddels een vliegtuig met persoonlijke hulpmiddelen op Schiphol. Onder de persoonlijke belangstelling van minister Martin van Rijn en KLM topman Pieter Elbers kwam 20 april de eerste vlucht via de luchtbrug aan met onder meer honderdduizenden maskers, 30.000 jassen en 30.000 veiligheidsbrillen. Komende dagen volgen meer vluchten, met onder meer miljoenen maskers. – Nieuwsbrief Landelijk Consortium Hulpmiddelen van 23 april.

Vliegtuigen en topmannen imponeren altijd. Voeg vervolgens woorden toe als ‘honderdduizenden’ en ‘miljoenen’ toe en het lijkt ook daadwerkelijk op orde te komen. Mondkapjes die aankomen op Schiphol is inmiddels landelijk nieuws.

Het probleem is alleen dat het niet voldoende is en dat middelen thuiszorg en verpleeghuizen niet bereiken, maar dat verhaal komt niet naar boven. Ondanks dat het ministerie ongetwijfeld enorm veel energie steekt in het op orde brengen van materialen, werken veel zorgprofessionals in een praktijk waarin zij tekorten meemaken. Werkgevers en hun brancheorganisaties werken mee aan het omhoog houden van het verhaal dat het ‘geregeld wordt’. Als er bijvoorbeeld items worden gemaakt over hoe het in de praktijk eraan toe gaat in verpleeghuizen, zie je volledig ingepakte zorgprofessionals in beeld. Geen moment wordt er écht gesproken over tekortschietende materialen en die lijken er ook niet te zijn. Voor de kijker blijven de tekorten letterlijk aan het zicht onttrokken.

Kan er dan geen item gemaakt worden met zorgprofessionals in beeld die aangeven dat de tekorten groot zijn? Nou, nee. Toestemming van een werkgever is namelijk vereist voor zo’n actie en het verhaal blijft dan ook vaak verborgen. Werkgevers zijn verzameld in brancheorganisaties en regionale werkgeversverbanden en die staan normaal gesproken op goede voet met elkaar en het ministerie. Het is niet gebruikelijk om openlijk tegenspraak te geven, want dat kan tot onderlinge onrust leiden. Alhoewel er inmiddels – na ruim zes weken aan tekorten – wel haarscheurtjes beginnen te ontstaan in de trouwe banden van de zorgpolder, ligt het echte verhaal nog steeds niet op tafel. Let op, daar is wel zes weken voor nodig, oftewel 126 diensten van 8 uur. De pijn om het met elkaar oneens te zijn binnen de zorgpolder, is groter dan de pijn van de professional die zichzelf niet kan beschermen.

De frame ‘testen is mogelijk!’

Ik wil voorkomen dat een medewerker met klachten onnodig thuis moet uitzieken, zonder dat vast staat dat het om COVID-19 gaat. Daarom wil ik dat er voor zorgmedewerkers als zij 24 uur klachten hebben gehad, alle ruimte en capaciteit is om te worden getest. Sinds 6 april jl. is het testbeleid voor zorgwerkers (dikgedrukt overgenomen, red.)” – minister de Jonge, brief aan het veld.

Het probleem met het testbeleid zit hem in de opmerking ‘als zij 24 uur klachten hebben gehad‘. Deze richtlijn, die door het RIVM is uitgevaardigd en waar de GGD’en zich aan houden, kan op veel kritiek rekenen van zorgprofessionals en hun werkgevers. En misschien ook wel een beetje van de Inspectie. Wat blijkt namelijk? Als zorgprofessionals zonder klachten binnen een instelling breed getest worden, blijkt dat een enorm deel van de professionals besmet is. Het testen van professionals die klachten hebben, neemt de zorgen van professionals dus niet weg, omdat je ook besmet kunt zijn zonder klachten. De eerste voorbeelden van zorgmedewerkers die zich verhouden tot hun eigen richtlijn ontstaan inmiddels. Het is simpelweg onvoldoende om de richtlijn op deze manier te hanteren, maar toch zijn de minister, het RIVM en de GGD’en hier heel volhardend in. Hoe komt dat? Waarom is het beperken van testen onder zorgmedewerkers zo’n grote prioriteit? Zorgprofessionals zelf denken dat dit door schaarste wordt ingegeven en niet zozeer omdat dit het beste testbeleid is.

Waar we zelf achter zijn gekomen na gesprekken met medewerkers van de GGD. GGD’en zijn in specifieke regio’s actief en hebben daar een netwerk van partners om zich heen verzameld. Onder deze partners zitten ziekenhuizen en achter die ziekenhuizen zitten laboratoria. Die laboratoria dienen nu corona tests uit te voeren, maar lang niet ieder laboratorium kan dat in grote hoeveelheden. Daar zijn ze namelijk niet op ingericht. Een GGD werkt over het algemeen al vele jaren met hetzelfde laboratorium en dat gaat niet veranderen in dit corona tijdperk, ook niet als het laboratorium te weinig testcapaciteit heeft. Alhoewel er tientallen laboratoria in het landelijk ‘labnetwerk COVID-19’ zitten, blijkt het woord ‘landelijk’ slechts een woord. Er wordt namelijk niet landelijk gewerkt, maar regionaal. Dat kun je onder meer teruglezen als je deze brief leest van een klinisch chemicus die landelijk werkt. Duizenden tests blijven liggen iedere dag, omdat zij niet worden ingezet. De capaciteit van een aantal regionale laboratoria schiet tekort, maar dat verhaal wordt niet verteld. Daarnaast houdt het RIVM de richtlijn van wanneer je je kunt laten testen als zorgprofessional heel beperkt, onder het mom van dat de tests alleen na 24 uur ziek zijn betrouwbaar zouden zijn. Zo stellen deze partijen de minister in staat te uiten dat ‘testen mogelijk is’.

De pijn om testen uit handen te moeten geven aan een partij buiten je eigen netwerk, is groter dan de pijn van de professional die zorgen heeft.

Minister de Jonge en zijn leger Hansjes Brinker

Ken je het verhaal van Hansje Brinker? Die jongen die in Spaarndam zijn vinger in de dijk stak om te voorkomen dat de dijk brak? Tijdens deze coronatijd wordt duidelijk hoeveel Hansjes Brinker er om minister de Jonge heen zwermen om de zorgpolder niet door te laten breken. Het echte verhaal over tekortschietende materialen en tekortschietende testcapaciteit wordt nog steeds niet verteld. Het is logisch dat zorgprofessionals bang zijn, ziek worden en afhaken. Ze merken iedere dag, nu zes weken lang dat ze níet de prioriteit zijn. Ze worden helden genoemd en er wordt zogenaamd voor hen geklapt, maar ze ervaren geen steun en dus geen waardering. De hoeveelheid menselijk kapitaal die in deze periode verloren gaat is enorm. De kracht waarmee de zorgpolder zichzelf in stand wil houden is verbijsterend. Toch zal de professional uiteindelijk aan het langste eind trekken, omdat hij zijn eigen weg gaat.

SoloPartners is de brancheorganisatie voor zzp’ers in de zorg. Iedere dag zien wij nieuwe zorgprofessionals kiezen voor een bestaan als zelfstandige. We merken dat dit vooral wordt ingegeven doordat zorgverleners teleurgesteld zijn. We zijn van mening dat als we professionals willen behouden voor de zorg, we hen de ruimte moeten geven. Dat geldt zeker voor zelfstandigen. We zijn toe aan nieuwe verhoudingen binnen de zorg, zodat ook de zelfstandige professional zich veilig voelt en gesteund ziet. Steun je ons? Waardeer ons dan met jouw lidmaatschap >>

 

Dit artikel delen