Nieuws
14 september 2026
Lidmaatschap branchevereniging SoloPartners telde mee bij beoordeling kantonrechter
Een zorgverlener die als zzp'er via een bemiddelingsbureau bij een gehandicaptenzorginstelling werkte, stapte na de opzegging van zijn opdracht naar de rechter: het zou in werkelijkheid een arbeidsovereenkomst zijn geweest. De kantonrechter in Roermond ging daar niet in mee.
Opvallend: de rechter noemt het lidmaatschap van SoloPartners, de brancheorganisatie voor zzp'ers in de zorg, uitdrukkelijk als aanwijzing dat hier een ondernemer aan het werk was.
Waar ging het over?
De zorgverlener schreef zich in 2024 in bij de KVK. In juni 2025 sloot hij een bemiddelingsovereenkomst met een bemiddelingsbureau; in augustus tekende hij een overeenkomst van opdracht met een zorginstelling voor € 45,00 per uur inclusief btw. Begin december zegde de instelling die overeenkomst op, met de contractuele opzegtermijn van vijf dagen. Drie weken later beriep de zorgverlener zich op het bestaan van een arbeidsovereenkomst en vorderde onder meer ruim € 43.000 aan loon en wettelijke verhoging.
De kantonrechter wees alle verzoeken af (Rechtbank Limburg, 26 augustus 2026, ECLI:NL:RBLIM:2026:9159).
Waarom geen dienstverband?
De rechter toetst in twee fasen:
- eerst wat partijen feitelijk zijn overeengekomen (Haviltex)
- daarna of die afspraken de kenmerken van een arbeidsovereenkomst hebben; de negen gezichtspunten uit het Deliveroo-arrest.
Wat partijen zélf wilden, is in die tweede fase niet doorslaggevend. Een clausule “Dit is geen arbeidsovereenkomst” biedt op zichzelf geen bescherming.
Richting het bemiddelingsbureau was de zaak snel klaar: dat bracht partijen alleen bij elkaar en was zelf geen contractspartij. “Het enkel faciliteren van een mogelijkheid om te kunnen declareren leidt niet tot een arbeidsverhouding.”
Bij de zorginstelling wees vrijwel elk gezichtspunt dezelfde kant op:
- geen rooster en geen dienstplicht; de planning bood diensten aan, hij koos zelf
- geen toezicht of leiding; alleen het zorgplan, de beroepsstandaard en de zorgwetgeving als kader
- vervangingsrecht; bij verhindering moest hij zelf voor vervanging zorgen
- geen inbedding; geen werkoverleg, personeelsbijeenkomsten of functioneringsgesprekken
- eigen facturatie, eigen btw, pensioen en verzekeringen
- € 45,00 per uur tegenover een cao-uurloon van € 19,18
- minimaal twee andere opdrachtgevers in vijf maanden.
Lidmaatschap branchevereniging SoloPartners: zichtbaar kenmerk van ondernemerschap
Bij het gezichtspunt ‘commercieel risico’ overweegt de kantonrechter letterlijk:
“[Betrokkene] droeg zelf het financiële risico. (…) Daarnaast heeft [betrokkene] een eigen bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering en is hij lid van SoloPartners (de brancheorganisatie voor zzp'ers).”
Het lidmaatschap staat ook in de feitenvaststelling, naast de KVK-inschrijving, het btw-nummer en de kwaliteitsregisters.
Laten we daar eerlijk over zijn: het SoloPartners-lidmaatschap is één element in een weging van negen gezichtspunten en weegt lichter dan het tarief of het vervangingsrecht. Wie denkt dat een lidmaatschap op zichzelf beschermt tegen herkwalificatie, vergist zich.
Maar het is wel veelzeggend dát de rechter het noemt. Het hoort volgens de kantonrechter in hetzelfde rijtje als je verzekering en je registraties: zichtbare kenmerken van iemand die zich als ondernemer gedraagt. En dat werkt twee kanten op. Hier werd dat ondernemersprofiel ingezet tégen het standpunt van de zorgverlener zelf.
Ons standpunt: ondernemerschap is een keuze, ook als het tegenzit
SoloPartners stimuleert dit soort acties niet. Waar wij onze leden in ondersteunen, is het voorkomen ervan: een contract dat deugt, heldere afspraken over vervanging en opzegging en advies voordat je tekent. Niet in procedures waarin je je eigen ondernemerschap probeert terug te draaien zodra een opdracht eindigt.
Wie kiest voor het zelfstandig ondernemerschap, kiest voor het geheel: de vrijheid om zelf te bepalen welke opdrachten je aanneemt en tegen welk tarief én de risico's die daarbij horen. Geen dienst is geen inkomen. Een opdracht kan worden opgezegd, soms op een ongelegen moment. Dat is geen onrecht; het is de keerzijde van dezelfde vrijheid. In deze zaak schreef betrokkene op 5 december nog “ik werk met veel plezier en toewijding als ZZP'er”; zeventien dagen later riep hij het werknemerschap in.
Dat is iets anders dan schijnzelfstandigheid en dat onderscheid is wezenlijk. Word je feitelijk als werknemer ingezet (denk aan verplichte roosters, geen ruimte om te weigeren, aansturing op de werkvloer, een tarief nauwelijks boven cao-niveau) dan is een beroep op het arbeidsrecht terecht en hebben wij daar begrip voor. Wij zouden het beter vinden als je in zo’n situatie eerst het gesprek aangaat met de opdrachtgever. Levert dat niets op, beëindig dan de opdracht en zoek een andere opdrachtgever.
Wat betekent dit voor jou?
- Je contract is het startpunt, niet het eindpunt
Doorslaggevend is of de praktijk klopt met wat er staat. - Bewaak je vrijheid in de planning
Val je in een vast rooster, dan verschuift het beeld. - Leg vervanging vast en meen het
Dat is een van de sterkste contra-indicaties voor werknemerschap. - Blijf buiten de interne organisatie
geen functioneringsgesprekken, personeelsbijeenkomsten of werkoverleg zonder relatie tot de opdracht. - Houd je ondernemersdossier op orde
KVK, btw, registraties, aansprakelijkheidsverzekering, meerdere opdrachtgevers én je brancheorganisatie.
Vragen over je eigen situatie?
Twijfel je of jouw overeenkomst de toets doorstaat of krijg je een contract voorgelegd waarbij je vragen hebt? Leg het ons voor, juist vóórdat je tekent.