Nieuws

8 mei 2026

De zzp-krimp raakt de zorgvloer

De nieuwste cijfers van het CBS bevestigen wat in de praktijk al langer voelbaar is: de zzp-markt krimpt. Het aantal zelfstandigen daalt, net als het aantal gewerkte uren. Maar de echte vraag is niet alleen wat er met zzp’ers gebeurt. De vraag is wat dit betekent voor de zorg en voor de teams die het werk moeten blijven doen.

krimp zzp-schap cijfers CBS

Krimp op papier, problemen op de werkvloer

Het aantal gewerkte uren door zelfstandigen daalt inmiddels al acht kwartalen op rij. In een jaar tijd is dat een afname van 6%. Over twee jaar zelfs een afname van bijna 8%. Tegelijkertijd groeien de uren van werknemers licht. In de zorgsector is de impact nog groter: daar daalde het aantal gewerkte uren door zelfstandigen met 17,8% in twee jaar tijd. Dat zijn geen abstracte cijfers. Dat zijn diensten die niet meer worden ingevuld. Dat zijn gaten in roosters. En die komen ergens terecht…

Angst creëert risico’s

Waar zzp’ers verdwijnen, neemt de werkdruk voor vaste teams toe. Een realiteit die in de discussie vaak onderbelicht blijft. Wat begint als ‘voorzichtigheid in beleid’, eindigt op de werkvloer: meer diensten draaien, minder ruimte voor herstel, oplopend verzuim en uiteindelijk uitval. De paradox is pijnlijk. Uit angst voor risico’s rondom zzp-inhuur nemen organisaties besluiten die juist nieuwe risico’s creëren: overbelasting, kwaliteitsverlies en verminderde continuïteit van zorg.

Beleid vanuit onzekerheid

De terughoudendheid is verklaarbaar. Onzekerheid over wet- en regelgeving, handhaving en schijnzelfstandigheid zorgen ervoor dat organisaties op de rem trappen. Maar die reactie is vaak te zwart-wit. De minister erkent dat veel opdrachtgevers ervoor kiezen om simpelweg geen zzp’ers meer in te huren; ze weten niet precies wat wel en niet mag. Dat klinkt veilig, maar is het dat ook?

Er is geen zzp-verbod!

De werkelijkheid is genuanceerder dan het huidige gedrag doet vermoeden. Zoals SoloPartners altijd uiteengezet: er bestaat geen zzp-verbod in de zorg. Toch wordt er in de praktijk vaak gehandeld alsof dat verbod er wél is. Dat leidt tot stilstand, terwijl de zorgvraag blijft groeien en teams steeds verder onder druk staan.

Waar zit het echte risico?

De discussie gaat nu vooral over juridische risico’s. Maar de vraag die organisaties moeten stellen is breder: ‘Wat is op dit moment het grootste risico voor de continuïteit van zorg?’ Is dat het zorgvuldig en correct inzetten van zzp’ers binnen de regels? Of is dat het structureel overbelasten van teams door capaciteit weg te halen? Want dat laatste is geen theoretisch risico; dat gebeurt nu al.

De rek is eruit

De CBS-cijfers laten een krimp zien. Maar op de werkvloer voelt het eerder als ‘klem zitten’. Door minder flexibiliteit ontstaat er meer druk op vaste teams zonder dat er een structurele oplossing lijkt te zijn. Ook andere vormen van flex (uitzendkrachten en gedetacheerden) laten een daling zien. De ruimte om te schuiven wordt dus kleiner.

Tijd voor nuance en lef

De reflex om zzp-inhuur te vermijden, is niet zonder gevolgen. En die gevolgen landen niet op papier maar bij zorgprofessionals en cliënten. De zorg kan zich geen stilstand permitteren. Dat vraagt om realistische interpretatie van regels en durf om binnen kaders te blijven samenwerken. Maar ook om de focus op wat nodig is om zorg overeind te houden. De aangekondigde overheidscampagne ‘Zo kan zzp wél’ komt er niet voor niets.

Zorg moet doorgaan. Stilstand is geen optie!

De cijfers laten zien dat de markt verandert. Maar ze laten vooral zien wat er gebeurt als onzekerheid het overneemt van handelen. Minder zzp’ers betekent niet automatisch minder werk. Het betekent dat hetzelfde werk door minder mensen moet worden gedaan. En dat is precies waar het nu mis dreigt te gaan.