Hoe zit het met een relatie / concurrentiebeding?

Geplaatst op: 20 september 2018 - Dit artikel printen - Dit artikel delen

Vooral zzp’ers die zich laten bemiddelen naar opdrachten hebben er vaak mee te maken: een relatiebeding of concurrentiebeding binnen de samenwerkingsovereenkomst. Hoe zit het precies met zo’n bepaling binnen jouw overeenkomst? Waar moet je op letten als zelfstandige zorgprofessional?

Wat is een relatie- of concurrentiebeding?

Het relatie- of concurrentiebeding is bedoeld om het bedrijfsbelang van een bepaalde partij te beschermen. Stel dat jij als bedrijf een medewerker in dienst hebt die je een bepaald project laat doen. In dit project hebt je zelf al veel geïnvesteerd. De medewerker kreeg volop kans om te netwerken, heeft veel scholing gekregen om het project tot een goed einde te brengen. En is daarmee gaandeweg ook nog specialist geworden op dat specifieke onderwerp. Je loopt als organisatie de kans dat als de werknemer wegloopt, ook het netwerk met die medewerker vertrekt. Zeker als de medewerker besluit voor zichzelf te starten of bij de concurrent in dienst te treden. Om dit te bemoeilijken, is een relatie- of concurrentiebeding in het leven geroepen; een passage in de arbeidsovereenkomst.

Een relatiebeding verbiedt medewerkers om contact te leggen met klanten van de vroegere werkgever of om voor deze partijen te gaan werken. Een concurrentiebeding is zwaarder van aard en verbiedt de medewerker om dezelfde werkzaamheden uit te voeren. Zowel het relatie- en het concurrentiebeding zijn bedacht voor werknemers. Ook al zijn zzp’ers en bemiddelende partijen het relatie- of concurrentiebeding gaan noemen, formeel klopt dat dus niet helemaal.

Waarom zo’n beding in de overeenkomst?

Organisaties mogen met elkaar de meest bijzondere dingen afspreken, zolang ze er maar achter staan en ze deze beiden tekenen. Oftewel, bemiddelende organisaties en/of opdrachtgevers mogen bepalingen opnemen voor zzp’ers die neerkomen op een relatie- of concurrentiebeding. Het is aan jou om te bepalen of je hiervoor tekent.

Aan de hand van een voorbeeld uit de praktijk probeer ik uit te leggen hoe zo’n beding werkt en hoe het verkeerd kan gaan.

Een zzp’er werkt inmiddels vele maanden voor dezelfde cliënt. Het contact met de cliënt zelf is goed, het contact met de familie is goed. De zzp’ers waarmee wordt samengewerkt vormen een goed team met elkaar. Alle zzp’ers zijn onderaannemer van een zorgorganisatie. Deze zorgorganisatie heeft de zorgovereenkomst met de cliënt. Alle zzp’ers tekenden bij hun samenwerkingsovereenkomst met de zorgorganisatie voor het relatiebeding van de opdrachtgever. Hierin staat benoemd dat de zzp’er op geen enkele wijze zelf werkzaam mag zijn voor cliënten van de opdrachtgever. Dit geldt tot aan een jaar na het beëindigen van de overeenkomst tussen zzp’er en zorgorganisatie. 

De cliënt en familie kent de zorgorganisatie zelf niet zozeer, de zorgverleners wel. Daar hebben zij immers de relatie mee. De familie geeft aan zonder de zorgorganisatie verder te willen met een aantal van de huidige zorgverleners. Deze zorgverleners geven aan dat zij gehouden zijn aan een relatiebeding. Hierop belt de familie de zorgorganisatie en vraagt deze om toestemming om de zzp’ers zelf aan zich te verbinden. De zorgorganisatie stemt hiermee in richting de cliënt. Vervolgens beëindigd de zorgorganisatie het contract met de zzp’ers die voor deze cliënt kiezen. Om vervolgens ook niet meer voor andere cliënten van de zorgorganisatie ingezet te kunnen worden.  

Bij dit praktijkvoorbeeld ben ik wat dichter betrokken geweest en de twee perspectieven zijn als volgt:

  • De cliënt, familie en zzp’ers stellen dat de cliënt ‘keuzevrijheid’ heeft en voor een andere zorgaanbieder moet kunnen kiezen;
  • De zorgaanbieder stelt dat de cliënten via de zorgaanbieder in contact gekomen zijn met deze zzp’ers en bij de zorgaanbieder horen.

Het relatiebeding in de overeenkomst werd overtreden volgens de zorgorganisatie, simpelweg omdat de zzp’ers de familie attendeerden op de belemmering in de overeenkomst waar de zzp’ers willens en wetens voor tekenden. Tekenen voor een relatiebeding en er vervolgens afstand van nemen als dat uitkomt, is niet gepast volgens de zorgorganisatie en zij stopten de overeenkomst met de zzp’er in zijn geheel. De bedoeling van het relatiebeding was nu juist dat de twee partijen (zorgorganisatie en zzp’er) voor elkaar zouden kiezen en dat zij duurzaam samen zouden werken. Dat is in deze dus niet gelukt. In dit geval liep het netjes af omdat de zorgorganisatie niet verder escaleerde, maar de vraag is wat de rechter er van zou hebben gevonden als deze casuïstiek was voorgelegd.

Houdt zo’n beding stand?

Een passage in jouw samenwerkingsovereenkomst of overeenkomst van opdracht houdt bij een rechtszaak niet vaak stand, zo blijkt. Tussen werknemers en werkgevers wordt dit anders gewogen door de rechter dan tussen ondernemers onderling. De rechter kijkt bij ondernemers onderling, – bijvoorbeeld tussen opdrachtgever en zzp’er -, naar de verhoudingen in marktmacht. Hoeveel last heeft de partij die het relatiebeding in de overeenkomst opnam, nu écht van het feit dat de zzp’er zijn eigen gang gaat? Is er sprake van verstoring van de markt voor de opdrachtgever? Daarnaast is het de vraag of het relatiebeding heel specifiek beschrijft wat precies de uitsluitingscriteria zijn. Wat er wordt beschreven binnen de overeenkomst, is dus van groot belang.

Hierbij wordt er onder meer gekeken of er geschreven wordt over..

  • de motivatie van het beding. Waarom is het opgenomen?;
  • de precieze activiteiten waar het beding voor geldt;
  • de afstand in kilometers als afstand van toepassing is;
  • het tijdsvak waar het beding op van toepassing is;
  • de hoogte van de boete als er een overtreding is.

Juridisch afdwingbaar is zo’n beding dus niet echt. Toch wordt het vaak in de praktijk gebruikt en word je toch gevraagd om hier voor te tekenen. Hoe ga je hier mee om?

De bedoeling van samenwerken

Jij bent ondernemer en jouw opdrachtgever en bemiddelaar zijn ondernemers. Er is geen ondernemer die kan overleven door andere ondernemers te helpen en zelf niets te verdienen. Het relatie- of concurrentiebeding is een poging van jouw opdrachtgever of bemiddelaar om zakelijk eerlijk samen te werken. Of zo’n passage in jouw contract noodzakelijk is, vraag ik me af. De taal waarin zo’n passage is beschreven klinkt vaak dreigend en nodigt niet echt uit.

Wat is nu werkelijk de bedoeling van zo’n passage? Zakelijk goed samenwerken betekent dat als een opdrachtgever of bemiddelaar een cliënt of opdracht bij jou aanreikt, de bedoeling is dat je hier niet zelf mee aan de haal gaat. Ook al is jouw contact nog zo goed met de klant, dan nog heb je de opdracht aanvankelijk via die andere partij gekregen. Dat is iets waard. Als de klant echt ontevreden is, dan zou deze de overeenkomst met de zorgorganisatie of bemiddelaar zelf moeten verbreken op basis van inhoudelijke gronden.

Vervolgens kun je in samenwerking met de ex-zorgaanbieder van de cliënt het gesprek aan over hoe nu verder. Soms werken partijen echter niet goed samen, krijg je als zzp’er geen ruimte en zal je zelf een keuze moeten maken hoe je omgaat met een klant die jou graag direct voor zich heeft werken. Daarnaast kun je je afvragen of je wel moet tekenen voor zo’n bepaling, of dat je niet uit moet leggen hoe en jij vertrouwenswaardig samenwerkt.

Hoe dan ook, is het ondertekenen van een relatie- of concurrentiebeding wat mij betreft niet noodzakelijk om goed zakelijk samen te werken. Uiteindelijk gaat het om jouw gedrag en dat van de opdrachtgever. Dat valt niet in een alinea te vangen.

Zijn deze artikelen helpend voor jouw praktijk? Steun ons door lid te worden >>

Dit artikel delen