De zorgplicht van zorgverleners

Geplaatst op: 3 januari 2020 - Dit artikel printen - Dit artikel delen

Niet alleen zorgverzekeraars hebben een zorgplicht, ook zorgverleners hebben een ‘zorgplicht’. Deze verplichting houdt voor zorgverleners een behandelplicht in. De behandelplicht kan ontstaan bij het aangaan van een geneeskundige behandelingsovereenkomst (verder: GBO) of op het moment dat zich een noodsituatie voortdoet. In beide gevallen is de zorgverlener in beginsel verplicht om de patiënt te behandelen. De behandelplicht van zorgverleners kan in de praktijk nog wel eens zorgen voor lastige situaties. Het bereiken van een door een zorgverzekeraar vastgesteld omzetplafond is een bekend voorbeeld waarbij de zorgverlener in de knel kan komen met zijn behandelplicht. Een zorgverlener die het omzetplafond heeft bereikt kan vanaf dat moment zorg, die nog geleverd gaat worden, niet meer declareren bij de zorgverzekeraar. Toch is de zorgverlener op grond van de behandelplicht – en vaak ook op grond van een (contractuele) doorleverplicht – in beginsel verplicht om zorg te blijven verlenen aan de patiënt. Dit kan voor de zorgverlener grote (financiële) consequenties hebben. Wat houdt de zorgplicht van de zorgverlener nu precies in, en tot hoever reikt die zorgplicht?

Geneeskundige behandelingsovereenkomst en zorgplicht
Op het moment dat een patiënt zich met een zorgvraag tot een zorgverlener wendt en er afspraken gemaakt zijn over de verlening van zorg en andere voorwaarden, ontstaat er een GBO. Deze overeenkomst kan zowel schriftelijk als mondeling worden overeengekomen. Bij de zorgverlening dient een zorgverlener de zorg van een goed hulpverlener in acht te nemen en in overeenstemming te handelen met de op hem rustende verantwoordelijkheid. Dit houdt in dat de zorgverlener bij de behandeling van een patiënt gehouden is om te handelen conform de geldende professionele standaard.
Een zorgverlener kan behandeling van een patiënt niet zomaar weigeren. Toch zijn er situaties denkbaar waarbij het onredelijk kan zijn om een zorgverlener zich aan zijn behandelplicht te laten houden. In de richtlijn niet-aangaan of beëindiging van de geneeskundige behandelingsovereenkomst van de Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst (verder: KNMG) zijn voorwaarden opgenomen waaronder een zorgverlener een gewichtige reden heeft om geen GBO aan te gaan of om een bestaande GBO te beëindigen.

Niet-aangaan behandelingsovereenkomst
Het kan voorkomen dat de zorgverlener in eerste instantie geen behandelingsovereenkomst wil aangaan met een patiënt. Er zijn omstandigheden waaronder het gerechtvaardigd is dat een zorgverlener weigert een GBO aan te gaan. Allereerst kan gedacht worden aan de omstandigheid dat de professionele verantwoordelijkheid van de zorgverlener hem weerhoudt om de geneeskundige behandelingsovereenkomst aan te gaan. Hierbij kan gedacht worden aan de situatie waarin een patiënt bepaalde zorg vraagt van een zorgverlener die niet tot zijn vakgebied behoort.

Een tweede omstandigheid is de situatie waarin de arts op basis van eerdere ervaringen met de patiënt aanleiding ziet om geen behandelingsovereenkomst aan te gaan. Tot slot kan een zorgverlener weigeren een GBO aan te gaan als hij een aanmerkelijk belang heeft bij het niet aangaan van de GBO en dit belang een groter belang is dan het belang van de patiënt bij het aangaan van de overeenkomst. Hierbij kan worden gedacht aan de zorgverlener die in verband met een te grote geografische afstand van een patiënt niet in staat is om adequate zorg te verlenen.

Beëindiging behandelingsovereenkomst
Het zal vaker voorkomen dat tijdens de looptijd van een al bestaande GBO zich omstandigheden voortdoen waardoor een zorgverlener worstelt met zijn behandelplicht. De hoofdregel is dat een zorgverlener een GBO in beginsel niet kan beëindigen. Een zorgverlener kan een GBO, zo bepaalt de KNMG-richtlijn en jurisprudentie in dit verband, slechts beëindigen als er sprake is van ‘gewichtige redenen’. De zorgverlener kan bijvoorbeeld besluiten om de GBO te beëindigen als de patiënt zich onheus of agressief gedraagt richting de zorgverlener of anderen. Echter, ook als er sprake is van een gewichtige reden om de GBO te beëindigen zal een zorgverlener in verband met zijn behandelplicht een aantal zorgvuldigheidseisen in acht moeten houden. Zo blijft een zorgverlener gehouden om medisch noodzakelijke hulp te blijven verlenen aan de patiënt. Ook zal de zorgverlener de patiënt dienen te ondersteunen bij het vinden van een alternatief voor de zorg. Dit toont aan dat een zorgverlener niet eenvoudig onder zijn behandelplicht uit kan komen, ook bij een gewichtige reden zal een zorgverlener op een bepaalde manier nog steeds zijn behandelplicht dienen uit te voeren.

Een lastig voorbeeld: een omzetplafond
De laatste maanden is er veel te doen geweest m.b.t. ‘budgetplafonds’ of ‘omzetplafonds’. Het bereiken van een met de verzekeraar afgesproken omzetplafond wordt door de KNMG in haar richtlijn logischerwijs niet benoemd als een ‘gewichtige reden’ waarbij een zorgverlener kan afzien van zijn behandelplicht. In beginsel is de zorgverlener dus verplicht om zorg te blijven leveren aan de patiënt, ook als hij daar geen vergoeding meer voor krijgt als het omzetplafond is bereikt. Naast de behandelplicht zal een zorgverlener ook vaak verplicht zijn om de zorg te blijven leveren op grond van een doorleverplicht die veelal door de zorgverzekeraar wordt opgenomen in het zorgcontract. Op grond van de doorleverplicht dient de zorgverlener ook na het bereiken van het omzetplafond zorg te blijven leveren aan de verzekerden van de zorgverzekeraar. Voor de zorgverlener kan dit grote gevolgen hebben: de zorg moet namelijk geleverd blijven worden terwijl er geen geld binnen komt die deze levering mogelijk maakt.

Conclusie
Met de behandelplicht rust op zorgverleners een grote verantwoordelijkheid. Zorgverleners zijn – behoudens gewichtige redenen – verplicht om aan bestaande patiënten zorg te blijven verlenen, ook als dat voor de zorgverlener problemen kan opleveren. Ook in het geval als er sprake is van een gewichtige reden om af te zien van de behandelplicht zal een zorgverlener zorgvuldigheidseisen in acht dienen te houden om ervoor te zorgen dat de patiënt voor hem benodigde zorg kan blijven ontvangen.

Dit artikel delen