Nieuws

Onderzoek: 30% van flexibele zorgverleners vangt bot bij aanvraag zorgbonus

dinsdag 17 november 2020    Dit artikel delen
uitslag enquete

Vorige week dinsdag ging het loket dicht voor de aanvraag van de zorgbonus. De dag erna zetten we een onderzoek uit onder onze achterban met de vraag of zij via hun opdrachtgever een aanvraag hebben kunnen doen voor een zorgbonus. Ruim 1000 zorgverleners gaven hun reactie. Ondanks dat het ministerie van VWS de periode voor de aanvraag van de zorgbonus tweemaal heeft verlengd, hebben behoorlijk wat zorgorganisaties zich onttrokken van hun rol in de aanvraag. Zij werkten simpelweg niet mee. Zo’n 30% van de respondenten in het onderzoek konden hierdoor uiteindelijk geen zorgbonus aanvragen. 

Recht op de zorgbonus?

Bijna 90% van de respondenten binnen ons onderzoek geeft aan recht te hebben op de zorgbonus. Zij hebben zich tussen 1 maart tot 1 september 2020 ingezet voor patiënten en cliënten met COVID-19, werkten als onderaannemer van een zorgorganisatie én staan op de lijst met beroepen en functies die in aanmerking komen. Het wordt ook in dit onderzoek duidelijk dat deze criteria honderden, zo niet duizenden zorgverleners uitsluiten.

Zo lezen we bijvoorbeeld over een kraamverzorgende die corona opgelopen heeft in de thuissituatie van de kraamvrouw, maar als sector kraamzorg formeel uitgesloten is van deelname aan de bonusregeling. Naast andere onvoorziene individuele gevallen, is er ook een grote groep die al maanden in onduidelijkheid verkeert. Duizenden zorgverleners zijn actief voor eigen cliënten in de thuiszorg en werken níet als onderaannemer. Bijvoorbeeld als wijkverpleegkundige, verzorgende of ambulant begeleider. Betaling verloopt in zo’n geval via het PGB, gecontracteerde of niet-gecontracteerde zorg. Zij kunnen nergens terecht voor een aanvraag. Er is tot op heden geen informatie of, wanneer en hoe een aanvraag kan worden gedaan.

De omstandigheden in de thuiszorg waren zeker tijdens de eerste golf niet mals, omdat er onvoldoende beschermingsmaterialen aanwezig waren. Dit maakt dat juist deze aanzienlijke groep veel teleurgestelde reacties teruggeeft. Zij hebben het namelijk net als veel andere zorgverleners in de periode maart tot september, erg zwaar gehad.

Hoe verliep de aanvraag?

Terug naar de zorgverleners die wel een aanvraag konden doen omdat zij werkten voor een zorgorganisatie. Zo’n 800 respondenten beantwoorden de vraag hoe de aanvraag van de zorgbonus voor hen verliep. Ruim 10% van de respondenten gaf aan (nog) niet in aanmerking te komen voor de zorgbonus. 30% gaf aan dat de aanvraag soepel verliep, zo’n 30% ondervond problemen tijdens het proces en maar liefst 30% heeft ondanks tweemaal uitstel van de sluitingsdatum uiteindelijk geen mogelijkheid gehad om een aanvraag te doen.

Soepele aanvraag

Ruim 200 respondenten (20%) delen een pluim uit aan de opdrachtgever voor het goed geregisseerde proces rondom de aanvraag.

“Ik kreeg vanuit de stichting de mail dat de aanvraag gedaan was. Ik heb daar niets voor hoeven doen. Helemaal top”

We lezen in ons onderzoek terug dat er geen relatie zit tussen het aantal gewerkte uren / dagen en de welwillendheid van een opdrachtgever om de zorgbonus aan te vragen. Sommige opdrachtgevers werkten graag mee met de aanvraag, ook als de zorgverlener maar enkele dagen had gewerkt bij die organisatie. Andersom kwam ook voor: sommige zorgverleners werkten honderden uren voor een organisatie die niet mee wilde werken aan een aanvraag voor een zorgbonus. Tientallen zorgverleners geven aan te hebben ‘geshopt’ voor een opdrachtgever. Een opdrachtgever die wél mee wilde werken aan de aanvraag voor de zorgbonus. Zij hebben er op die wijze uiteindelijk één gevonden.

Problematische aanvraag

Meer dan de helft van de respondenten heeft op enigerlei wijze problemen ondervonden tijdens de aanvraag. Op de eerste plaats staat een gebrek aan informatie over de stand van zaken van de aanvraag (20%). Veel opdrachtgevers gaven simpelweg geen enkele reactie, ook niet na herhaaldelijk verzoek. Een te grote administratieve last werd in 17% van de gevallen als reden opgevoerd om de vertraging of het weigeren aan medewerking te verklaren. Een kleine 10% van de respondenten geeft terug dat de opdrachtgever eigen criteria op had gesteld voor het toekennen van de zorgbonus. Ruim 5% van de respondenten vernam dat de opdrachtgever vond dat de zorgverlener niet aan de criteria voldeed. Zo’n 7% van de respondenten kreeg terug dat het ministerie de zorgbonus aan moest vragen. Van de organisaties die aanvankelijk hun medewerking weigerden, kwamen een aantal gaandeweg tot inkeer. Niet in de minste plaats door de media aandacht die hierover ontstond.

Geen aanvraag

Van de respondenten die aangaven problemen te hebben ondervonden bij de aanvraag, geeft 70% aan uiteindelijk geen aanvraag te hebben kunnen doen. De opdrachtgever weigerde mee te werken aan een aanvraag. De afgelopen maanden ontvingen wij van vijf zorgorganisaties het formele standpunt dat zij niet mee wilden werken aan de aanvraag van de zorgbonus. In een aantal gevallen kwam deze correspondentie direct van de Raad van bestuur. Daar bovenop zijn er door onze achterban tientallen organisaties benoemd die structureel niet meewerkten aan de zorgbonus. Zij namen geen formeel standpunt hierover in. De voornaamste reden die hierbij gegeven werd, was dat de administratieve lasten voor deze organisaties te hoog waren en zij van mening zijn dat het ministerie van VWS de taak van aanvraag op zich zou moeten nemen.

Aanvraag via zorgorganisaties was te kwetsbaar

Ons beperkte onderzoek leverde in enkele dagen zo’n duizend reacties op. Daarmee wordt duidelijk dat de zorgbonus leeft onder zorgprofessionals. Dat is niet vreemd, want de zorgbonus staat voor een blijk van waardering vanuit de samenleving voor een groep die zich ingespannen heeft voor de bestrijding van corona. Veel zorgverleners zijn van mening dat zij terecht recht hebben op deze vorm van waardering en letten scherp op de ontwikkelingen rondom de zorgbonus.

De keuze voor een regierol bij werkgevers om de zorgbonus is kwetsbaar gebleken. Naast het feit dat hiermee lang niet alle zorgverleners toegang kregen tot de zorgbonus, trokken werkgevers zo hun eigen conclusies. Het draagvlak vanuit zorgorganisaties stond in juni al onder druk, dat werd in september nog eens bevestigd, maar desondanks ging het loket op 1 oktober toch open. Vervolgens werd in de maand oktober het gebrek aan draagvlak pas echt duidelijk, simpelweg door het niet mee willen werken aan een aanvraag.

Wij pleiten voor een alternatieve route voor de aanvraag van de zorgbonus voor de zorgverleners die nog helemaal geen aanvraag hebben kunnen doen, voor bijzondere individuele gevallen én voor zorgverleners die bot vingen bij hun opdrachtgevers. Alleen dan komt de bedoeling van de zorgbonus goed tot zijn recht en wordt niemand overgeslagen.

SoloPartners is de brancheorganisatie voor zzp’ers in de zorg.

Dit artikel delen